Over identiteit, wording en het loslaten van vaste antwoorden

Identiteit als oefening

In De hoogste gave beschrijft Paulo Coelho liefde op een manier die me verraste. Niet als een gevoel dat je overkomt, maar als iets wat je oefent. Hij stelt de vraag hoe iemand een groot artiest, schrijver of musicus wordt — en beantwoordt die eenvoudig: door te oefenen. Vervolgens trekt hij die gedachte door naar het mens-zijn zelf. Ook daarin, schrijft hij, gelden geen andere wetten.

Wat mij aanspreekt in die benadering, is dat menswording niet wordt voorgesteld als een innerlijke ontdekking, maar als een praktijk. Coelho schrijft dat liefde geen oprisping van enthousiasme is, maar “een krachtige, volle uitdrukking van ons leven; onze persoonlijkheid in haar volste ontwikkeling”. Dat vraagt oefening. Niet één keer, maar steeds opnieuw.

Hoewel zijn taal spiritueel is, lees ik hierin iets heel aards. Het idee dat karakter niet ontstaat door inzicht alleen, maar door herhaling. Door doen. Door blijven staan in situaties die niet comfortabel zijn. Zoals spieren alleen groeien door het ze te trainen, zo ontwikkelt ook een mens zijn houding ten opzichte van het leven door ermee in aanraking te blijven.

Coelho beschrijft de wereld als een plek waarin we voortdurend worden aangesproken. Niet als een obstakel dat overwonnen moet worden, maar als een omgeving waarin iets van ons gevraagd wordt. In die zin ontstaat menselijkheid niet in afzondering, maar juist daar waar het schuurt: in omgang met anderen, in beperkingen, in herhaling, in weerstand.

Als ik dit lees, vraag ik me af of identiteit op een vergelijkbare manier begrepen kan worden. Niet als iets wat je vindt door diep naar binnen te kijken, maar als iets wat zich vormt in hoe je oefent. In hoe je spreekt wanneer je spanning voelt. In hoe je handelt wanneer je onzeker bent. In hoe je je blijft verhouden tot wat zich aandient, ook als het niet past bij het beeld dat je van jezelf had.

Misschien is identiteit dan geen antwoord op de vraag wie ik ben, maar het resultaat van wat ik telkens opnieuw oefen. Geen vaste kern, maar een langzaam zichtbaar wordende houding. Iets wat zich ontwikkelt in de wereld, niet ondanks haar, maar dankzij haar.

Dit artikel is tot stand gekomen vanuit mijn eigen filosofische vragen en reflecties, in dialoog met literatuur, met ondersteuning van taalmodellen als schrijfhulp.

Literatuur

Coelho, P. — De hoogste gave

Plaats een reactie